Magazine

De effectiefste tricepsoefeningen voor sterkere armen

Effectieve tricepstraining combineert bewegingen die je bovenarmen in verschillende posities uitdagen. Een goede techniek, passende weerstand en geleidelijke vooruitgang zijn belangrijker dan zoeken naar één perfecte oefening.

Wat maakt een tricepsoefening effectief?

De triceps lopen langs de achterkant van je bovenarm en helpen je elleboog te strekken. Ze zijn actief bij duwbewegingen en bij oefeningen die zich rechtstreeks richten op het strekken van de elleboog.

Bij een effectieve oefening blijven de doelspieren over een comfortabele bewegingsuitslag aan het werk, terwijl je de weerstand onder controle houdt. De beste keuze hangt af van je materiaal, ervaring, mobiliteit en de rest van je trainingsprogramma.

Goede samengestelde oefeningen

Push-ups met de handen dicht bij elkaar trainen je triceps, borst en schouders. Houd je handen ongeveer op schouderbreedte, span je lichaam aan en beweeg je ellebogen naar achteren in plaats van ze ver naar opzij te laten wijzen.

Ook bankdrukken met een smallere greep en dips aan een dipstation kunnen je triceps flink aan het werk zetten. Gebruik een bewegingsuitslag die je onder controle hebt, houd je schouders stabiel en kies een makkelijkere variant als je techniek verandert.

Handige isolatieoefeningen

Bij pushdowns met een kabel of weerstandsband kun je je goed concentreren op het strekken van je ellebogen. Houd je bovenarmen dicht langs je lichaam, beweeg vooral vanuit je ellebogen en keer langzaam terug in plaats van de weerstand je handen omhoog te laten trekken.

Bij tricepsextensies boven het hoofd houd je je armen boven je hoofd, waardoor je triceps op een andere manier worden uitgedaagd. Je kunt ze uitvoeren met een kabel, weerstandsband of dumbbell. De geschiktste variant is de variant die comfortabel aanvoelt en waarbij je je onderrug niet hol hoeft te trekken.

Zo plan je tricepstraining

Kies één duwoefening en één isolatieoefening in plaats van je training vol te zetten met vergelijkbare oefeningen. Gebruik een weerstand waarmee je de herhalingen gecontroleerd kunt uitvoeren, stop zodra je techniek begint te verslechteren en neem voldoende hersteltijd voordat je dezelfde spieren weer zwaar traint.

Noteer de oefening, weerstand, herhalingen en hoe de set voelde, net zoals je noteert wat je eet. Vooruitgang kan betekenen dat je de weerstand iets verhoogt, nog een gecontroleerde herhaling doet of je bewegingsuitslag verbetert. Hoeveel vooruitgang passend is, verschilt per persoon.

Ook in het magazine